*****
De Americana Royalty van Belgie (Broere Promotion)
10-01-2011 00:00
Ondanks dat de (half Britse) Gentenaar Bruce Bherman inmiddels zes albums op zijn naam heeft staan en België toch echt praktisch naast de deur ligt, hoorde ik pas voor het eerst van hem toen hij een plaat had gemaakt met een paar muzikanten uit Nashville. Hoe ironisch is dat.

Ironisch wel, maar gek is het niet. Want de heren uit Nashville waarmee Bherman de studio in dook zijn niet de minsten! Tony Crowe en Kurt Wagner van Lambchop speelden mee (respectievelijk piano en gitaar) en Mark Nevers (Lambchop, maar ook Andrew Bird) zat als achter de mixknoppen. De nummers die resulteerden uit deze samenwerking staan samen met wat eerder op vinyl uitgebrachte muziek en een paar akoestische extra's op de dubbelaar Untagged Friends.

Aangezien Lambchop een van mijn favoriete bands is, verwachtte ik heel wat van deze eerste kennismaking met Bherman. U weet vast wel wat ze zeggen over een eerste indruk? Juist, je krijgt geen tweede kans om die te maken. Kennismaken met nieuwe muziek begint voor mij bij het hoesje. En dat viel mij wel even tegen! Zeker gezien het feit dat Bherman, naast Americana royalty van België en faux librarian, ook kunstenaar is! Uit nader onderzoek blijkt dat Bherman eerdere hoezen wel zelf heeft getekend! Op de hoes van Untagged prijkt een eigenwijs getekend zelfportret. U weet vast wel wat ze zeggen over boekomslagen? Dat je daar boeken niet op moet beoordelen. Misschien is dat waar, maar dat wil nog niet zeggen dat het zo zou moeten zijn! Ik wil maar zeggen. Er zijn vast mensen die een heel mooi CD-tje laten liggen omdat het er nu niet bepaald aantrekkelijk uitziet.

Muzikaal gezien was het gelukkig wel prettig kennismaken met Bruce Bherman! Er staan schitterende liedjes op Untagged Friends. Ik moet wel zeggen dat de rustige nummers als Dreamer, Rumours en Radiogirl (met mooi pianospel van Tony Crowe) mij meer aanspreken dan de muren van gitaargeluid die soms door Bherman worden opgetrokken. Maar Bherman heeft een mooie lage stem en zingt dan weer melancholisch en dan weer scherp.

Houd deze royalty uit Gent zeker in de gaten! En dat hij de volgende hoes weer mag tekenen.
Robert van Raffe
Blues met een zachte G
*****
Wachten op Wachten op de klap
Klei, stront en zand


Matthijs Leeuwis (1985) is jong, maar hij klinkt doorleefd. Na het bekijken en beluisteren van zijn MySpacepagina heb ik zijn cd Klei, Stront & Zand meteen besteld. Mooie liedjes over liefde, roken, drinken en over het Brabantse land. Als ze in Brabant nog behoefte krijgen aan een volkslied kunnen ze beter bij Leeuwis terecht dan bij Meeuwis.

Dit is de Nederlandstalige muziek zoals ik hem graag hoor. Ik ben even helemaal klaar met ironische lulligheid à la Spinvis, geaffecteerde meisjesachtigheid à la Roosbeef. (En heb überhaupt nooit iets gehad met hoempapa-Meeuwis of het abstract-poëtische Bl#f).

Leeuwis zingt gewoon het Nederlands. Blues. Heel overtuigend. Ben benieuwd naar zijn nieuwe album. (Hieronder een voorproefje).



Klei, stront & zand van het gelijknamige album.



Sluizen, van zijn binnenkort te verschijnen cd Wachten op de klap.
Robert van Raffe
Jarvis Cocker - Further Complications
*****
(Rough Trade/De Konkurrent)
Jarvis Cocker is een icoon. Van een icoon heb je een bepaald beeld in je hoofd, dat min of meer onveranderlijk is. Het ziet er meestal uit zoals je icoon dat in werkelijkheid deed in zijn of haar hoogtijdagen. Het was dan ook even schrikken toen ik Jarvis Cocker na een paar jaar weer voorbij zag komen. Hij heeft een oude-rockerbaard. Zijn haar is hier en daar grijs. Verder is hij nog steeds die lange dunne stijlvolle verschijning die hij was. Hij is geloof ik 45, maar zeurt al jaren dat hij gaat stoppen met muziek maken, omdat hij zichzelf te oud vindt. Toch komt hij nu (gelukkig) weer met een nieuwe CD.

Further Complications is een samenwerkingsverband tussen Jarvis Cocker en Steve Albini. Albini produceerde in de jaren negentig o.a. Nirvana en The Pixies. Jarvis Cocker zou na een bezoekje aan het Pitchfork Music Festival in Chicago vorig jaar even langs zijn gegaan bij Steve Albini's Electrical Audio Studio om een paar nieuwe songs uit te testen. Ze waren beiden zo prettig verrast (en volgens zeggen was Cocker ook erg te spreken over lage prijs van de opnames) dat ze afgelopen januari opnieuw de studio zijn ingedoken om de rest van Further Complications op te nemen.

De invloed van Albini lijkt meteen in de eerste single Angela te horen aan de ruigere rocksound. Of misschien wilde Cocker zelf wel eens wat ruiger, en liet hij zich voor dit album inspireren door idolen uit zijn jeugd, zoals Roxy Music en The Stooges? Net als het nieuwe uiterlijk van Jarvis, is dit geluid even wennen. Nee, het is geen Pulp. De eerste zure recensies zijn natuurlijk al te lezen. Op het eerste gehoor lijkt het misschien inderdaad wat minder doordacht en melodieus dan ouder werk. Veel distortion en herhaling, ten koste van melodie en doordachte teksten. Cocker moet regelmatig schreeuwen om boven de scheurende gitaren uit te komen. Maar ja, het is wel Jarvis Cocker die daar staat te schreeuwen. En dat is, hoe je het ook wendt of keert, toch iets anders dan dat daar een willekeurig ander iemand had gestaan.

Dat is het moeilijke met iconen. Of je vindt ze hoe dan ook cool, of hun nieuwe werk wordt al meteen afgeschreven omdat het niet kan tippen aan of niet hetzelfde klinkt als dat van vroeger.

Ondanks dat Cocker heel goed wegkomt met de eenvoudigere rocknummertjes - met zijn bekende swagger schmiert hij zich er met gemak doorheen-, blijf ik bij die liedjes toch een beetje het gevoel houden dat hij beter kan. En gelukkig laat hij dat ook horen op Further Complications. Want tussen de eenvoudigere rampetampers staan stiekem een paar van de beste nummers die Cocker in zijn carrière schreef. Met als hoogtepunt wat mij betreft I Never Said I Was Deep.

Conclusie: Over het geheel genomen niet het beste album dat hij ooit maakte, maar met een paar hele mooie liedjes! En tja, Jarvis Cocker is gewoon cool.

(illustratie: Robert van Raffe)
Jarvis Cocker