Tonio van Vugt
Midnight Madness info
*****
Echt het aller-, allerslechtste van KLIK! Echt waar!
Van de 1100 korte en lange animaties die het KLIK!-festival opgestuurd krijgt, worden er zo’n 250 geselecteerd. De rest is uiteraard niet goed genoeg. Maar tussen ‘niet goed genoeg’ en ‘zo slecht dat het weer leuk is’ zit een groot verschil. Uit die laatste categorie werden de allerbeste (of liever: allerslechtste) geselecteerd voor het Midnight Madness-programma dat met enig vertraging vannacht van start ging. Nadat de sfeerverhogende Ren & Stimpy-clip Royal Canadian Kilted Yaksmen was uitgemond in een bescheiden singalong, kon het ramptoerisme beginnen: goedwillend amateurisme, studentenfilms uit de Oekraïne die uit de rails gaan, onbegrijpelijke Japanse (kinder?)films en pijnlijk serieus gemeende poëzie. Had programmeur Luuk van Huët ons niet van tevoren gewaarschuwd waar de uitgangen zich bevonden? Nou dan!

Er was een filmpje bij dat de wansmaak met opzet opzocht, over twee kinderen met een frisbee in een idyllische tuin, kleurrijk maar klunzig getekend, met een manisch vrolijke soundtrack met kinderkoor (die voor hen die het meegemaakt hebben de EO Kinderkrant uit de jaren 70 akelig helder in de herinnering bracht). Maar wanneer de frisbee over het tuinhhek belandt, komt de punchline: de kinderen bevinden zich in een concentratiekamp. Ja, lachen! (En dat deden we dan ook met overgave.) Hilarisch diepte/hoogtepunt: een jeugdherinnering over een jongetje dat moet leren fietsen, maar nog voordat zijn zadeltje op de juiste hoogte staat van een steile helling naar beneden raast, elke vorm van inventiviteit en kwaliteit meenemend in zijn val. Alle clichés uit klassieke animatie worden gebruikt, maar op een perfect verkeerde manier: stelt u zich de uitpuilende ogen à la Tex Avery voor in diezelfde EO Kinderkrant. De verteller leest voor met alle emoties en joie de vivre van een begrafenisondernemer. Grootste grap: er worden vijf story editors vermeld op de titelrol van dit (Canadese?) mirakel.

Eén filmpje sloeg de plank wel raak: vijf abominabel slecht getekende characters bespreken hun handicaps - zoals slecht functionerende gewrichten, en niet-gesloten lijnen, waardoor het inkleuren van de vlakken een probleem is. Maar het modebewuste meisje dat in zwart-wit is getekend, heeft het het zwaarst: ‘You guys have it easy in full colour, but I have to dress in contrasts!’. Zodra ik weet wat de titel van dit filmpje is, plaats ik een link.

NB Er is ook nog een Best Of KLIK!, met alle prijswinnaars. Dat programma draait aansluitend op de Closing Ceremony, vanavond om 20.00 uur in Kriterion 1.
10-09-2010 00:00
Het BUTFF is nog niet over, of we geven alweer kaarten weg voor het KLIK! Amsterdam Animation Festival, dat van 15 t/m 19 september voor de vierde keer plaatsvindt in Kriterion. We geven drie dagkaarten weg voor de vrijdag, die toegang verschaffen tot alle voorstellingen en evenementen van die dag.

Op het KLIK! zijn weer meer dan kleine 100 korte en lange animatiefilms te zien uit de hele wereld. Een van de hoogtepunten is de Nederlandse première van de prachtige documentaire Deconstructing Dad van Stan Warnow over zijn vader Raymond Scott, de fameuze excentrieke componist, muzikant en grondlegger van de elektronische muziek. Scott is verantwoordelijk voor de iconische animatiemuziek in de klassieke Looney Tunes-animaties rond Bugs Bunny & Daffy Duck uit de Golden Age of Animation (1928- 1945). Stan Warnow is bij de vertoning aanwezig voor een uitgebreide Q&A, waarna een jamsessie wordt gehouden in de geest van Raymond Scott met muzikale animatiegrootheden onder wie Nik en Nancy Phelps.

Er zijn workshops en lezingen op zaterdag: Gouden Kalf-winnaar Eric Steegstra (Metro, Rif) gaat in op het arbeidsintensieve medium van de poppenfilm en animatiehistoricus Thomas Weynants vertelt over de eerste animaties aan het einde van de 19e eeuw, die hij illustreert met eenvoudige maar spectaculaire optische trucages.
De grote prijsuitreiking van alle KLIK!-awards vindt zaterdagavond plaats in de grote zaal van Kriterion, waarna het feest losbarst op de klanken van de KLIK!-huis-dj’s. De prijswinnende films zijn op zondag te zien in het Best of KLIK!-programma.
Tijdens het speciale KLIK! Symposium in de UvA gaan N.A.S.A.-wetenschapper Harry Kloor en filosoof Bas Haring het debat aan met animatoren, astrofysici en studenten over de raakvlakken en breekpunten tussen animatie en wetenschap. Ook staat er een mysterieus animatie-experiment met het publiek op het programma. Redenen genoeg om eens een kijkje te nemen, dus!
Meer info vindt u op www.klikamsterdam.nl.

Zone 5300 geeft drie dagkaarten weg!.

Zone 5300 geeft drie dagkaarten weg die u toegang verschaffen tot alle films en voorstellingen op vrijdag, dus ook voor die unieke Raymond Scott-avond. Al wat u moet doen is ons een mailtje sturen met als subject ‘KLIK! 2010’ en vermelding van uw volledige naam en adres. Sluitingsdatum actie: woensdagochtend 15 september 10.00 uur. Prijswinnaars krijgen direct bericht.

Wilt u ook op de hoogte blijven van dit soort weggevertjes? Abonneer u dan nu op de nieuwsbrief via het Nieuwsbrief-formulier!

B-films, underground en trash op de alweer vijfde editie
01-09-2010 00:00
Wie zijn films graag een beetje anders heeft (lees: ondergrondser, weirder, culter-dan-cult) kan voor het vijfde jaar terecht op het Bredase BUT Film Festival, waarbij die eerste drie letters staan voor B-movie, Underground en Trash. Als 17 Nederlandse premières, 4 Europese premières én de wereldpremière van live-action-crime-noir-extravaganza The Diamonds of Metro Valley van Aaron Arendt en Mary McIlwain, een bizarre animatiefilm over een robothagedis, op zich al niet genoeg aanbeveling is, dan is zeker de komst van Jörg Buttgereit een reisje naar het zuiden waard. Deze sympathieke en praatgrage Berlijnse cultregisseur zal graag al uw vragen over zijn destijds uiterst omstreden Nekromantik-reeks beantwoorden. Uit Italië komt Francesco Campanini, wiens Solitario (2008) zijn Nederlandse première zal beleven. Spaans bloed stroomt rijkelijk in Carlos Atanes' Maximum Sham (2010), een twisted post-apocalyptische 'trip down the rabbit hole', aldus de organisatie. Van César del Lamo is er de verrassende thriller Mi (2009) en Norberto Ramos del Val, eerder al te gast op BUT 2009, vertoont zijn korte film INVSN in één van de vier korte filmblokken.

Ook dit jaar is er een bijzondere randprogrammering, met als nouveauté het underground-dichtersprogramma met o.a. Diana Ozon en Nick J. Swarth en op zaterdag Boxring I&II, een boxmatch met woorden van Dastrugistenda. In het performanceprogramma treedt het Italiaanse, klassiek geschoolde Hexperos op: een kwartet met harp, viool, bas en een zangeres met een geluid waar, in de woorden van het BUT, Wagner alleen maar van zou hebben kunnen dromen. Aan de beste BUT-filmmakers wordt op zaterdag 11 september de BUT-award uitgereikt in de categorie 'BUT-lange film', 'beste BUT-korte film' en 'BUT-studentenfilm'. Het is tenslotte pas goed als het echt BUT is!

Vijf keer twee vrijkaartjes!
Zone 5300 geeft in samenwerking met BUT vijf keer twee vrijkaartjes weg voor een film naar keuze. Alles wat u hoeft te doen is ons vóór 8 september 12.00 uur een mailtje te sturen met als subject 'BUT 2010' en vermelding van uw volledige naam en adres. Prijswinaars krijgen direct bericht!
Zie voor het volledige programma en verdere info de officiële BUT-site.

Tonio van Vugt
De Weg naar Cádiz info
*****
Jonathan Herzberg & Shariff Korver
Coen staat op het punt om te vertrekken naar Cádiz, waar een oom hem als erfenis een boerderij heeft nagelaten. Dan staat plots zijn ex Suzanne bij hem op de stoep: of ze mee mag. Dat mag, en een roadmovie ontvouwt zich, waarbij de relatie tussen beide ex-geliefden onder het chirurgisch mes gaat en hier en daar het onvermijdelijke skeletje tevoorschijn komt. Suzanne vlucht weg van haar getroubleerde relatie, Coen blijkt vooral op de vlucht voor zichzelf.

Of het voor het eerst in de geschiedenis is dat eerstejaars filmacademiestudenten een lange speelfilm hebben gemaakt, zoals de makers beweren, weet ik niet, maar het zou zomaar heel goed kunnen. Wat echter belangrijker is: het dondert niet. Want wie ook zonder deze voorkennis naar De Weg naar Cádiz kijkt, ziet een volwassen debuutfilm met een sterke cast, een uitstekend scenario en gedegen camerawerk, dat wars is van alle hippe trends.

Om maar met het scenario te beginnen: de grootste verrassing is dat dit is geschreven door Merel Barends, bij Zone-lezers en volgers van het Imagine-blog in 2008 en 2009 vooral bekend als stripmaker. Dat ze als stripauteur tussen haar generatiegenoten een unieke plaats inneemt is bekend, maar dat er eveneens scenarioparels uit haar pen vloeien, waarin het euvel van geforceerde ‘literaire’ dialogen plaats maakt voor naturelle, diep invoelbare teksten, waarin ze niet alleen een groot inzicht in menselijke relaties toont maar ook de humor niet schuwt, dat zag ik eerlijk gezegd niet aankomen - in elk geval niet op basis van haar beeldverhalen. Het doet vermoeden dat haar werkelijke kracht op de lange baan ligt. Dat belooft wat voor de graphic novel waar ze mee bezig is.



Maar een knap scenario met fantastische dialogen is één ding, als er wordt geacteerd door een stel amateurs met meer goede bedoelingen dan talent, leidt het tot niets. Dat regisseurs Jonathan Herzberg (levensgezel van Barends) en Shariff Korver en producent Edwin Goldman erin slaagden de professionele acteurs Bart de Vries en Lidewij Benus te strikken voor de rollen van Coen en Suzanne is een geschenk - zij verleenden geheel belangeloos hun medewerking en namen ruim de tijd om hun rollen te repeteren - liefdewerk pur sang. Maar dat is niet de enige reden dat Coen en Suzanne zo levensecht lijken: De Vries en Benus zijn in het echt ook een stel, en je voelt aan hun spel dat veel van de ruzietjes tussen de twee ex-geliefden hen niet geheel onbekend zijn. Niet alles wat tussen hen speelt wordt in dialogen gevat; vooral Benus weet in haar expressie een tragiek te vatten die meer zegt dan woorden. Show, don’t tell. Een prachtig voorbeeld daarvan is te vinden tegen het eind van de film, wanneer Coen een monoloog houdt onder de douche, terwijl de camera strak op Suzanne gericht blijft: het inzicht van waar ze nou precies mee bezig is, trekt langzaam als een donkere waas over haar gelaat.

Herzberg, Korver, Goldman en Barends hebben met hun debuut een knappe prestatie geleverd. Zij die beweren dat het altijd zo beroerd is gesteld met de Nederlandse film, worden keihard en zonder pardon in de hoek gezet door drie filmacademiestudenten en een stripauteur.

De weg naar Cádiz draait vanaf vandaag in diverse filmhuizen in het land. Kijk voor een overzicht op de officiële website .
Tonio van Vugt
The Lovely Bones info
*****
Peter Jackson redt zijn film... op het nippertje
24-02-2010 00:00

Er zijn van die films waar je naar uitkijkt zodra de eerste berichten binnenkomen. The Lovely Bones is zo’n film. Na Peter Jacksons enigszins teleurstellende remake van King Kong (te lang, te overdone, te veel van alles eigenlijk) klonk het nieuws dat zijn verfilming van Alice Sebolds roman terug zou grijpen naar zijn eerdere, kleinere werk vóór de Lord Of The Rings-trilogie als muziek in mijn oren. De premisse - een vermoord meisje kijkt vanuit het hiernamaals toe hoe haar familie met het verlies omgaat en haar moordenaar in alle rust zijn volgende moord voorbereidt - was veelbelovend: Heavenly Creatures met een snufje The Frighteners, of andersom wellicht. Oh, wat zou ik The Lovely Bones graag in mijn hart hebben willen sluiten, zoals ik díé twee films in mijn hart heb gesloten.

Maar het leven zit vol teleurstellingen. The Lovely Bones is geen emotionele mokerslag zoals Jackson zijn publiek met Heavenly Creatures toebracht, maar een natte doek in het gezicht. Jackson trekt weliswaar alle registers op om de kijker te betrekken bij het verdriet van de familie van de vermoorde Susie, maar of het nu de kleffe pianomuziek van Brian Eno is of de beperkte gezichtsuitdrukkingen van vader Mark Wahlberg, het komt allemaal veel te Amerikaans-sentimenteel over om echt te ontroeren. De hemel die Jackson uit zijn CGI-doos tovert zou ook een stuk beter te pruimen zijn geweest zonder die ersatz-Enya (of is het de echte?) in de soundtrack. En de zo typerende Jackson-humor die van The Frighteners (om over Braindead nog maar te zwijgen) een tegendraads horrorfestijn maakte, wordt plichtmatig in vijf minuten afgeraffeld in een scène met slonzige grootmoeder Susan Sarandon.

Deugt er dan helemaal niets? Gelukkig wel. Stanley Tucci, met watten in de wangen, gekleurde lenzen en comb-over, maakt van de moordenaar een uiterst angstaanjagend en gestoord personage; een scène die de kijker wél naar de keel grijpt is het moment voor de moord, waarin Tucci de transformatie van neighbour next door naar psychopatische killer overtuigend gestalte geeft. Maar het duurt daarna nog tot het einde van de film, waarin Jackson de verwachtingen doorbreekt door een ander pad te kiezen dan de Hollywood-toon van de film doet vermoeden, voor we weer rechtop in de bioscoopstoel zitten. Daarmee redt hij The Lovely Bones op het nippertje. Al kan het goed zijn dat u voor die tijd al in slaap bent gevallen of murw gebeukt bent door alle zoetigheid.
En plots word ik overvallen door een gedachte: áls er een hemel bestaat, mag die dan alsjeblieft vrij van CGI zijn?

The Lovely Bones draait vanaf vandaag in de Nederlandse bioscopen.

10 t/m 24 februari in Melkweg Cinema

Van 10 februari (ja, dat is vandaag al) t/m woensdag 24 februari zijn in Melkweg Cinema (Lijnbaansgracht 234a, Amsterdam) De 10 van Schokkend Nieuws te zien: de tien beste horror-, scifi-, cult- en fantasyfilms van 2009 volgens dit gerenommeerde genrefilmtijdschrift. Een aantal van die films worden ook persoonlijk ingeleid door SN-medewerkers, onder wie ondergetekende.
Aldus de Melkweg: ‘Een paar dingen die opvielen aan de lijstjes en bijhorende argumentatie: de Schokkend Nieuws-medewerker ziet zijn sf-film graag old school opgediend, houdt erg van de doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg-stroming (te merken aan het grote enthousiasme voor Cory McAbees low budget-knutselfilm Stringray Sam) en is blij dat Sam Raimi weer eens ouderwets tekeer ging met zijn Drag Me To Hell.’

Het volledige programma:
- wo 10 feb: Lake Mungo, Joel Anderson (Australië 2009, 89 min, inleiding Phil van Tongeren)
‘Sterk onderschatte horrorfilm bespeelt breed register van emoties, van huiver tot brok in de keel.’ (Phil van Tongeren)
- do 11 feb: Let The Right One In, Tomas Alfredson (Zweden 2008, 115 min, inleiding Rob van der Velden)
‘Een film om heel dicht bij je te koesteren, zo mooi.’ (Erik Kriek)
- vr 12 feb t/m za 13 feb: District 9, Neil Blomkamp (VS 2009, 112 min)
‘Herboren: het scifi-genre. Geboorteplaats: Zuid Afrika. Gewicht: Heavy-weight.’ (Ruben van Eijl)
- zo 14 feb: Moon, Duncan Jones (UK 2009, 97 min.)
‘Duncan Jones geeft de liefhebbers van old school mindfuck SF weer hoop.’ (Mark van den Tempel)
- ma 15 feb: The Chaser, Hong-jin Na (Zuid-Korea 2009, 125 min, inleiding Tonio van Vugt)
‘Een nagelbijter van Zuid-Koreaanse origine, dus dan weet u het wel: snoeihard, genadeloos en vol plotwendingen en blunderende cops - wie overleeft en wie gaat zonder toetje naar bed?’ (Tonio van Vugt)
- di 16 feb t/m wo 17 feb: Antichrist, Lars von Trier (DE, DU, FR, SE, IT, PO 2009, 104 min, di 16 feb: inleiding Jan Doense) ‘Verontrustendste film van het jaar.’ (Jan Doense)
- do 18 feb, ma 22 feb: Drag Me To Hell, Sam Raimi (VS 2009, 99 min, ma 22 feb: inleiding Barend de Voogd) ‘Sam Raimi maakte eindelijk weer een ouderwets grappige griezelfilm. Zigeunervrouwtjes en schattige katjes moeten het ontgelden.’ (Barend de Voogd)
- vr 19 feb t/m za 20 feb: Inglorious Basterds, Quentin Tarantino (VS 2009, 153 min)
‘Sterk staaltje nazi-bashing van Tarantino, met een van de meest geraffineerde schurken uit de recente filmgeschiedenis.’ (Rob van der Velden)
- zo 21 feb: Stingray Sam, Cory McAbee (VS 2009, 61 min.)
‘Mobiele telefoons zijn in de bioscoop een gruwel, maar de bioscoop op een mobieltje kan een feest zijn, zo bewees space cowboy McAbee met zijn hilarische multiplatform scifi-serial.’ (Bart van der Put) wo 24 feb: Martyrs, Pascal Laugier (Frankrijk/Canada 2009, 97 min)
’ Briljant en grotesk of één grote shit sandwich? (Milan Hulsing)’

Alle voorstellingen beginnen om 19.00 uur, de toegangsprijs bedraagt € 6,00 (€ 5,00 met korting), dus daar hoeft u het niet voor te laten. En titels als Lake Mungo, Stingray Sam en Martyrs zullen niet gauw nog eens op het witte doek worden vertoond (of in de dvd-bakken verschijnen), dus laat deze kansen niet voorbij gaan.
Tonio van Vugt
Moon info
*****
Space Oddity Junior

Dat Duncan Jones de zoon is van David Bowie (Duncan ging lange tijd door het leven als Zowie Bowie - je zou je ouders voor minder vervolgen) is natuurlijk geen verdienste, maar het leverde wel de nodige buzz op voor zijn regiedebuut Moon. En een ijzersterk debuut ís het.

Is het toeval dat Bowie Junior doorbreekt met een kleinmenselijk, surrealistisch sciencefictiondrama, zoals zijn vader 40 jaar terug met Space Oddity? Voor Jones geen adrenaline-geïnjecteerde achtbaanritten à la de jongste Star Trek, maar een gruizige, psychologische thriller die teruggaat naar de sf-films waar vooral de jaren 70 het patent op leken te hebben, zoals Silent Running, Alien en Soylent Green. Geen razendsnelle CGI, maar ploeterende schaalmodellen in miniatuurdecors. Geen sterrencast en duizenden figuranten die met elkaar in een intergalasctische strijd zijn verwikkeld, maar één personage dat met zichzelf in de clinch raakt. Sam Rockwell speelt Sam Bell, eenzaam en alleen gestationeerd op een basis op de maan, waar hij duurzame energie wint die hij eens in de zoveel tijd naar de aarde stuurt. Af en toe krijgt hij een videoboodschap van zijn vrouw en opgroeiende dochter, maar direct contact is onmogelijk, en de maatschappij waar hij voor werkt doet geen enkele moeite om dat te herstellen. Om gek van te worden, en het lijkt erop dat dát exact is wat gebeurt: eerst ziet Sam schimmen, om vervolgens zichzelf tegen te komen wanneer hij bijkomt na een ongeluk. En Sam 2 lijkt vastberaden om te blijven…

Sam Rockwell levert een formidabele prestatie; hij heeft alleen zichzelf als tegenspeler, zijn twee personages zijn in de computer bijelkaar gevoegd. Dat levert een fraai staaltje op wanneer de twee Sams met elkaar tafeltennissen - zó natuurlijk dat je het gezichtsbedrog voor echt neemt. Het enige andere tegenspel dat Rockwell krijgt is dat van de computer/robot Gerty, met de stem van Kevin Spacey (die er pas in de post-productie aan toegevoegd werd, Rockwell voerde tijdens de opnamen dialogen met verschillende crewleden). Moon is een van de filmverrassingen van het jaar, met de potentie om uit te groeien tot een cultklassieker.

- - - - -

Moon draait vanaf donderdag 15 oktober in de Nederlandse bioscopen.
Tonio van Vugt
Watchmen info
*****
Zak Snyder versus Alan Moore

De Engelsman Alan Moore is een van de meest gevierde stripscenaristen aller tijden, en zijn bekendste boeken zijn bijna allemaal verfilmd: From Hell, V For Vendetta, The League of Extraordinary Gentleman. Het aantal verfilmingen dat Moore’s goedkeuring kan wegdragen is te tellen op de vingers van een hand waarin zojuist een kilo widowmakers is afgegaan. Ik meen me te herinneren dat hij ooit in een interview zei dat ze wat hem betreft net zo goed het telefoonboek mogen verfilmen. Aangaande Zak Snyders Watchmen-verfilming hoeft niemand dus te vragen naar de mening van beroepsknorrepot Moore (die oogt als een gezellige kruising tussen een Hell’s Angel en Catweazle met overgewicht, maar dat terzijde). Het is niet voor niets is dat Moore’s naam op de titelrol ontbreekt.

Nu leent de complexiteit van Moore’s strips (bijna zonder uitzondering honderden pagina’s dik) zich ook eigenlijk niet voor het Hollywood-formaat. Dat geldt ook voor Watchmen. Interessant in dat verband is dat bijvoorbeeld Terry Gilliam, in een ver verleden als regisseur aan het project verbonden, er eigenlijk een miniserie van had willen maken. En wat zijn opvolger, de gelauwerde Paul Greengrass (United 93, The Bourne Ultimatum) met de materie zou hebben gedaan, we hebben er het raden naar; ook hij werd van het project gehaald.

De voorgeschiedenis van Watchmen is dus al even gecompliceerd als de legendarische strip zelf (de filmrechten lagen eerst bij Warner voordat Universal de fakkel overnam - Gilliams ongetwijfeld prachtige preproductie-artwork zal dus voor altijd in de kluizen blijven) en dat is meestal geen goed teken. Eindeloos herschreven scenario’s en rijen van ontslagen regisseurs, het zijn geen ideale omstandigheden voor een film. Herinnert iemand zich Superman Returns uit 2006 nog? Precies.

Maar als we niks van de moeizame voorgeschiedenis van Watchmen zouden weten en onbevooroordeeld zouden kijken, wat zien we dan? Zien we dan een intelligente film die recht doet aan de strip en zijn fans? Of zien we een ‘film als een videogame’, zoals regisseur Zak Snyder zich onheilspellend eens in een vroeg interview liet ontvallen; een film waarin de complexiteit en alle diepere filosofische, psychologische en morele lagen opgeofferd zijn aan platte actie? Snyders vorige film, de stripverfilming 300, deed het ergste in die richting vermoeden, maar supermanzijdank, alle paniek blijkt grotendeels ongegrond.

Voor wie de strip niet heeft gelezen volgt hier een kleine inleiding op de plot:
In de jaren ’60 heeft Amerika, dankzij de inmenging van superhelden, de oorlog in Vietnam gewonnen. In het ‘filmnu’, midden jaren ’80, is Richard Nixon mede dankzij die overwinning voor de derde keer gekozen als president; Watergate heeft nooit plaatsgevonden, op de achtergrond heerst de dreiging van een nucleaire oorlog met Rusland. Rasopportunist Tricky Dick kan het nu makkelijk af zonder zijn in kleurige maillots gehesen bondgenoten, van wie sommigen trekjes hebben die zo duister zijn dat Hannibal Lecter er nog een puntje aan kan zuigen. Aldus worden de superhelden, van wie alleen Dr. Manhattan (Billy Crudup) echt superkrachten bezit, bij de wet verboden. Want ‘Who watches the Watchmen?’, zo luidt de terechte vraag die de het Amerikaanse volk stelt. In een flashback zien we hoe The Comedian (een uitstekende Jeffrey Dean Morgan), niet écht de leukste van het stel, een burger tijdens een demonstratie tegen de buiten de wet opererende superhelden in de rug schiet. Nee, padvinders als Spiderman zijn in Moore’s universum ver te zoeken. Het is diezelfde Comedian die alle verwikkelingen in beweging zet, wanneer hij aan het begin van de film door een onbekende op gewelddadige wijze wordt vermoord, in een scène die eindeloos veel langer duurt dan in de strip.

Het ‘whodunnit’(of liever: ‘whydunnit’)-element is slechts een klein onderdeel van de strip en de film, die in veel opzichten opvallend trouw aan de strip is gebleven. Er is weliswaar meer nadruk gelegd op de actiescènes, maar in de 162 minuten die de film duurt is er genoeg ruimte genomen voor plotontwikkeling. Voor wie de strip niet heeft gelezen, is die ontwikkeling behoorlijk goed te volgen, dankzij de eliminatie van een aantal zijlijnen (één daarvan zal later als extra op de dvd-versie worden uitgebracht).

De film ziet er prachtig uit, maar dat zal eenieder die de publicity stills de afgelopen maanden heeft gezien niet verbazen. Veel scènes zijn letterlijk uit de strip overgenomen, vaak zelfs gefilmd vanuit hetzelfde ‘camerastandpunt’ van tekenaar Dave Gibbons, die in tegenstelling tot Alan Moore wel nauw bij de film betrokken was (en dus -hoe ironisch- wél op de titelrol wordt vermeld). De casting van de acteurs is spot-on: de keuze voor de tamelijk onbekende Jackie Earle Haley als de verknipte Rorschach is niet minder dan briljant, en de van oorsprong Zweedse Malin Akerman spettert van het scherm als de verleidelijke Silk Spectre. De film kreeg in Amerika overigens een ‘Rated R-vignet: er wordt niet kinderachtig gedaan over bloot of gore (de film bevat een aantal wegkijkertjes, en dan bedoel ik niet het bloot).

Zijn er ook minpunten? Jazeker, maar die zullen voor hen die de strip nooit lazen veel minder tellen. Hoewel er over het aangepaste einde vast schande gesproken gaat worden, is het niet zozeer een werkelijke verandering maar meer een accentverschuiving, die voortkomt uit het feit dat enkele zijlijntjes uit de strip hebben moeten sneuvelen. Kwalijker is dat je zonder voorkennis van de strip nooit helemaal betrokken raakt bij de filmpersonages. Zo is de psychopatische kant van Rorschach in de film zwaarder aangezet dan in de strip, waarin we veel meer van zijn achtergrond te weten komen en dus meer sympathie voor hem voelen. Om die reden komt ook de dood van een van de hoofdpersonages in de strip veel harder aan dan in de film. Terry Gilliam had wat dat betreft gelijk met zijn idee voor een miniserie; niet zozeer de plot alswel de personages hadden daar zeker van geprofiteerd.

Tot slot mag nog één element niet onvermeld blijven, en dat is de uitstekende, zorgvuldig gekozen soundtrack. Zodra de filmtitels over het doek rollen en we in hoog tempo een geschiedenislesje Watchmen-universum krijgen, rolt Bob Dylans The Times They Are A’Changin’ uit de speakers. Het is direct duidelijk dat dit geen doorsnee superheldenflm wordt. Beeld en geluid vallen (even goed opletten!) op sublieme wijze samen in een scène tegen het eind van de film: wanneer Nite Owl met zijn vliegschip een schuiver op het poolijs maakt, klinkt exact op dat moment Jimi Hendrix’ slideguitarsolo uit All Along The Watchtower. Het is een geniaal moment dat uiteraard níét in de strip zit, en ik zie in gedachten de editors een vreugdedansje doen in de montagekamer.

En oh ja, Alan Moore mag dan niks met de film te maken willen hebben, de verkoop van de opnieuw in allerlei versies uitgebrachte Watchmen-strip zal hem geen windeieren leggen. Crying all the way to the bank, heet dat dan.

- - - - -
Watchmen draait vanaf vandaag in de Nederlandse bioscopen.